SNF

1. Ruimte en Privacy

1.1 Uit de administratie van de gegadigde blijkt een actueel overzicht van alle huisvestingslocaties met daarbij vermeld het aantal bewoners. Dit actueel overzicht huisvestingslocaties en personen per locatie is beschikbaar voor inspecteur op locatie

1.2 Toegestane verblijfsvormen:
a. reguliere woning
b. hotel/pension
c. wooneenheden in gebouwencomplex d. woonunits
e. huisvesting op recreatieterrein

1.3 Bewoners hebben minimaal 10m2 gebruiksoppervlak wonen (GBO) per persoonBewoners van een reguliere woning (a.) en woonheden (c.) hebben minimaal 12m2 gebruiksoppervlak wonen (GBO).
Dit geldt ook voor woonunits (d.) wanneer er sprake is van een bestemming “wonen”.
Alle voorzieningen (sanitair, keuken, slaapvertrek en woonkamer of ontspanningsruimte) dienen onder één dak en inpandig bereikbaar te zijn.

1.4.1 Bij alle woonvormen hebben bewoners in hun slaapvertrek per persoon minimaal 3,5 m2 vloeroppervlakte ter beschikking.
Tijdelijk (termijn wordt nog bepaald) geldt dat voor bestaande huisvesting in woonvorm e, huisvesting op recreatieterrein bewoners in hun slaapvertrek per persoon minimaal 2,7 m2 vloeroppervlak ter beschikking hebben. Als de slaapruimte in woonvorm e, huisvesting op recreatieterrein minder dan 3,5m2 vloeroppervlakte per persoon is., mag de slaapruimte maximaal voor 2 personen gebruikt mag worden.
1.4.2.Voor alle woonvormen geldt dat voor elke bewoner in het slaapvertrek een bed beschikbaar is met een matras van tenminste 80*200cm en kledingkast van tenminste 0,36m3 plus een stoel.
1.4.3 Indien de kledingkast niet in het slaapvertrek staat, dient deze op slot te kunnen.

1.5 Tijdens de controle wordt gecontroleerd of de daadwerkelijke bezetting klopt met wat er uit de administratie blijkt

 

2. Sanitair, Veiligheid en Hygiëne

2.1 Er is minimaal 1 toilet per 8 personen.

2.2 Er is minimaal 1 douche per 8 personen

2.3.1.1 Er is geen sprake van zichtbare overbelasting van het elektriciteitsnet (controle op o.a op dubbelstekkers en kookplaatjes)

2.3.1.2 De verlichting en elektriciteitsvoorziening in natte ruimten
  - is spatwaterdicht
  - is geschikt voor gebruik in natte ruimtes.

2.3.1.3 Er is geen sprake van omstandigheden die tot gevaar of verwondingen kunnen leiden.

2.3.2.1 Hygiëne in en om de woonlocatie veroorzaakt geen gevaar voor de volksgezondheid.

2.3.2.2 Er is een deugdelijke en aantoonbaar onderhouden mechanische installatie of natuurlijke ventilatie, dit in combinatie met voldoende beluchting.

2.3.2.3 Er is geen sprake van schimmelvorming in de badkamers, keukens en/of andere ruimtes.

2.4 CV, gaskachel en geiser dienen tweejaarlijks aantoonbaar gecontroleerd te zijn.

2.5 Op locaties met bestemming ‘wonen’ heeft elke verblijfsruimte minimaal 0,5 m2 daglichtoppervlakte.
Op locaties met bestemming ‘logies’ heeft elke verblijfsruimte directe daglichttoetreding.

3. Voorzieningen
3.1 Koelkast(en), 30 liter koel-/vriesruimte per persoon.
3.2.1 Kookplaat/platen, minimaal 4 pitten.
Specifieke norm bij grotere aantallen bewoners: Bij meer dan 8 personen 1 pit per 2 personen Bij meer dan 30 personen minimaal 16 pitten.

3.2.2 Kookplaat/platen in studio’s voor maximaal 2 bewoners dienen minimaal 2 pitten plus een magnetron of oven aanwezig te zijn.

 

4. Informatievoorziening en overige eisen

Er moet een informatiekaart aanwezig zijn die opgehangen is op een centrale plaats,
De informatiekaartis opgesteld in het Engels of het Duits of de landstaal van de bewoners en deze bevat ten minste telefoonnummers van:
- beheerder / contactpersoon verhuurder
- regiopolitie
- brandweer
- 112 (in levensbedreigende situaties)
- verkorte huis- en leefregels in landstaal van de bewoners

- ontruimingsplan en noodprocedure

 

5. Brandveiligheid

5.1. Maatregelen in de woning

5.1.1 Brandblusser
- Een brandblusser moet voldoen aan het besluit draagbare
blustoestellen 1997 en in het bijzonder de vigerende NEN-EN 3- 7. De plaatsing van brandblussers en keuze van de blusstof in relatie tot de brandklasse moet voldoen aan de vigerende NEN 4001+C1.
- Een draagbaar blustoestel moet bij nieuwe levering worden voorzien van de aanduiding van de uiterste datum (jaar en maand) waarop het eerstvolgende onderhoud moet worden uitgevoerd dit conform de vigerende NEN 2559.
- Het preventief onderhoud dient jaarlijks te worden uitgevoerd conform de vigerende NEN 2559 door een gecertificeerd REOB bedrijf. De onderhoudsgegevens moeten worden geregistreerd op een etiket op basis van de vigerende NEN 2559 dat duurzaam is bevestigd op het blustoestel. Er is in totaal 6 liter / 6 kilogram blusmiddel aanwezig
- Er is een brandblusser van minimaal 2 liter / 2 kilogram binnen 5 meter van iedere plaats waar gekookt wordt en op plaatsen met open vuur (direct onder handbereik, dus niet in een andere eenheid en niet buiten).
- Er staat een instructie voor gebruik op elke brandblusser

5.1.2 Er is een blusdeken bij iedere kookgelegenheid

5.1.3 Er zijn werkende rook- en CO-melders op voorgeschreven plaats gemonteerd.
Gecombineerde CO- en rookmelders zijn niet toegestaan.

5.2. Bindende informatieplicht
De inspectie-instelling informeert de gecontroleerde onderneming over de verplichtingen die gelden met betrekking tot het Bouwbesluit 2012 en attendeert de onderneming er op de huisvesting te realiseren conform dit besluit, voor zover dit nog niet is gebeurd. De inspectie-instelling informeert de onderneming over de mogelijkheid om met de gemeente een Bed-voor-Bed regeling af te spreken. Bij de informatie en attendering zal de inspectie-instelling het overzicht in onderdeel E van deze norm hanteren.

5.3. Melding aan gemeente
In de situatie dat er sprake is van een ernstige brandonveilige situatie dient de inspectie-instelling een melding te doen over deze locatie bij Stichting Normering Flexwonen, alsmede de onderneming te manen zo spoedig mogelijk de brandonveilige situatie ongedaan te maken. SNF kan dit melden aan het bevoegd gezag.

 

Inschrijven bij Van Gestel Vastgoed Management